Berichten

Bescherming van ondernemingen die online producten of diensten aanbieden

Geplaatst op | Bericht | romyvanravestijn

Ondernemingen die onlineproducten of diensten aanbieden aan consumenten (online-ondernemingen), kunnen dat doen via een eigen website of een website van een onlinetussenhandelaar. In het eerste geval is hun succes mede afhankelijk van de wijze waarop zij behandeld worden door de exploitanten van zoekmachines. In het tweede geval van de wijze waarop zij behandeld worden door de tussenhandelaar.

Aanleiding
De groeiende afhankelijkheid van online-ondernemingen van de aanbieders van onlinetussenhandelsdiensten en van zoekmachines baart de Europese Commissie zorgen. De gerechtvaardigde belangen van online-ondernemingen kunnen hierdoor in de knel komen. Bijvoorbeeld doordat zo’n aanbieder zonder objectieve redenen de producten, de diensten of de website van een online-onderneming slechter behandelt dan die van haarzelf of van andere online-ondernemingen. Of doordat zo’n aanbieder een online-onderneming zonder objectieve redenen de toegang tot de tussenhandelsdienst ontzegt. Om online-ondernemingen te beschermen heeft de Europese Commissie op 27 april jl. een voorstel voor een Europese Verordening ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (COM (2018) 238 final) gepubliceerd.

Wat zal de reikwijdte van de verordening zijn?
De verordening zal verplichtingen opleggen aan aanbieders van onlinetussenhandelsdiensten en van onlinezoekmachines. Er is sprake van een ‘onlinetussenhandelsdienst’ als (i) de dienst kwalificeert als een dienst van de informatiemaatschappij zoals gedefinieerd in art. 3:15d lid 3 BW, (ii) de dienst de zakelijke gebruiker de mogelijkheid geeft om zijn producten of diensten aan te bieden aan consumenten, (iii) de dienst door de aanbieder wordt geleverd aan zakelijke gebruikers en consumenten op grond van een contractuele verhouding. De concept verordening noemt als voorbeelden van dergelijke tussenhandelsdiensten de diensten van onlinemarktplaatsen en de diensten van social media. Daaronder vallen naar mijn mening ook bijvoorbeeld een vergelijkingswebsite en een grote webwinkel die in het kader van shop-in-shop andere webwinkels de mogelijkheid geeft hun producten of diensten via zijn website aan te bieden aan consumenten.
De term ‘onlinezoekmachine’ betekent in deze concept verordening hetgeen daaronder in het normale spraakgebruik wordt verstaan.
De verordening is van toepassing als (i) de tussenhandelaar of de zoekmachine zich richt tot online-ondernemingen met een vestigings- of woonplaats in de Europese Unie en (ii) die online-ondernemingen hun producten of diensten aanbieden aan consumenten in de Europese Unie. Voor de toepasselijkheid is niet vereist dat de tussenhandelaar of de exploitant van de zoekmachine zelf is gevestigd in de EU. Ook dienstaanbieders of zoekmachines die buiten de EU zijn gevestigd, zoals Google en Facebook, dienen zich te houden aan de bepalingen van de verordening als zij actief zijn in de EU.
Voor de toepasselijkheid is vereist dat de online-onderneming zich via de eigen website of via de website van de tussenhandelaar richt tot consumenten. Richt een online-onderneming zich alleen tot andere ondernemingen, dan geniet zij niet de bescherming van de verordening. Denk aan een onlinemarktplaats waarop uitsluitend producten of diensten worden aangeboden aan andere ondernemingen.

Wie worden beschermd?
De verordening zal bescherming bieden aan zakelijke gebruikers van onlinetussenhandeldiensten en aan gebruikers van zakelijke websites wat betreft de diensten van zoekmachines. De omvang van de online-ondernemingen die zich beroept op de bescherming van de verordening, doet niet ter zake.

Transparantieverplichtingen
De meeste bepalingen van de verordening zullen transparantieverplichtingen voor tussenhandelaren en exploitanten van zoekmachines bevatten.
Artikel 3 stelt eisen met betrekking tot algemene voorwaarden van tussenhandelaren. Zij zullen moeten zijn opgesteld in duidelijke en eenduidige taal, zullen eenvoudig toegankelijk moeten zijn en zullen de objectieve redenen voor besluiten tot volledige of gedeeltelijke opschorting of beëindiging van de dienstverlening moeten omschrijven. De tussenhandelaar moet bij wijziging van de algemene voorwaarden een kennisgevingsperiode van ten minste 15 dagen hanteren. Dat wil zeggen dat een wijziging niet eerder in werking mag treden dan na verloop van 15 dagen na kennisgeving van de wijziging aan de online-onderneming.
Artikel 4 bevat een motiveringsplicht voor tussenhandelaren. Als zij de dienstverlening aan een online-onderneming opschorten of beëindigen, moeten zij onverwijld een motivering van dat besluit verstrekken aan de betrokken online-onderneming.
Artikel 5 verplicht tot transparantie ten aanzien van de ranking van producten of diensten op een onlinetussenhandelsplatform of bij de uitvoering van zoekopdrachten. Tussenhandelaren moeten in hun algemene voorwaarden informatie opnemen over de belangrijkste parameters die zij hanteren om de ranking te bepalen. Exploitanten van een zoekmachine dienen deze informatie eenvoudig publiekelijk en in duidelijke en eenduidige taal beschikbaar te stellen op hun website.
Artikel 6 handelt over transparantie met betrekking tot gedifferentieerde behandeling. De bepalingen van dit artikel zien met name op de situatie dat de tussenhandelaar zelf of door middel van een dochteronderneming via zijn tussenhandelsdienst soortgelijke producten of diensten aan consumenten aanbiedt als die welke door andere online-ondernemingen op zijn tussenhandelsdienstwebsite worden aangeboden. In dat geval moet de tussenhandelaar in zijn algemene voorwaarden transparant zijn over de gedifferentieerde behandeling door middel van juridische, commerciële of technische middelen wat betreft zijn eigen producten of diensten en die van de afnemers van zijn diensten. Denk aan de situatie dat een webwinkel zelf boeken te koop aanbiedt en daarnaast een aantal boekhandels de mogelijkheid biedt via zijn website dezelfde boeken te koop aan te bieden. In dat geval zal de exploitant van de website via zijn algemene voorwaarden bijvoorbeeld duidelijk moeten maken op basis van welke parameters het aanbod van een boekhandelaar in het resultaat van een zoekopdracht van een bezoeker van de website zal worden gerankt ten opzichte van het aanbod van de webwinkel voor hetzelfde boek.
Artikel 7 betreft transparantie met betrekking tot de toegang tot de persoonlijke gegevens of andere gegevens van zakelijke gebruikers of consumenten. Omdat de toegang tot dergelijke gegevens een waarde vertegenwoordigt, moeten tussenhandelaren daarover in hun algemene voorwaarden informatie opnemen.
Artikel 8 gaat over transparantie ten aanzien van beperkingen inzake het aanbieden onder afwijkende voorwaarden via andere middelen. Denk aan een beperking van het aanbieden van dezelfde producten of diensten op een concurrerende marktplaats. Uiteraard dienen hierbij de regels van het mededingingsrecht en over oneerlijke handelspraktijken in acht te worden genomen. Als een tussenhandelaar dergelijke beperkingen oplegt, dient hij de redenen voor die beperking in zijn algemene voorwaarden te omschrijven.

Geschillenafhandeling
De overige bepalingen van de concept verordening gaan met name over geschillenafhandeling. Artikel 9 verplicht tussenhandelaren tot het inrichten en in stand houden van een intern systeem voor het afhandelen van klachten van zakelijke gebruikers. Artikel 10 bepaalt dat tussenhandelaren in hun algemene voorwaarden een of meer bemiddelaars aanwijzen waarmee zij bereid zijn te werken voor een buitengerechtelijke oplossing van geschillen. Artikel 12 betreft de handhaving van de verplichtingen uit de verordening op vordering van belangenverenigingen.

Evaluatie
De effecten van deze verordening zullen uiterlijk drie jaar na haar inwerkingtreding worden geëvalueerd aan de hand van een rapportage van de deskundigengroep van het Waarnemingscentrum voor de onlineplatformeconomie.

Rob van Esch

Meer weten?
Neem vrijblijvend contact op met Rob van Esch